Home

Pilootstudie Sciensano: onderzoek naar antibioticaresistentie in rauwe melk

Sciensano voert een pilootstudie uit binnen een Europees onderzoeksproject en onderzoekt of rauwe tankmelk gebruikt kan worden om carbapenemase producerende bacteriën (CPE) op te sporen. Voor België zijn er momenteel nog geen gegevens beschikbaar over het voorkomen van deze bacteriën in rauwe melk, waardoor dit onderzoek een eerste belangrijke stap is om de situatie in kaart te brengen. Heb je interesse? Dan kan je eenvoudig deelnemen door één tankmelkmonster aan te leveren. Lees meer en doe mee aan dit belangrijke onderzoek.
  

Opsporing van resistente bacteriën via rauwe melk

Sciensano start een pilootstudie naar de aanwezigheid van carbapenemase producerende bacteriën (CPE) in rauwe melk op melkveebedrijven. Deze bacteriën produceren enzymen (carbapenemase) die antibiotica actief afbreken, waardoor behandelingen minder effectief worden. De studie maakt deel uit van een Europees onderzoeksproject en onderzoekt of rauwe tankmelk gebruikt kan worden als een praktische manier om deze bacteriën op te sporen op melkveebedrijven.
 

Waarom dit onderzoek belangrijk is

De Europese Autoriteit voor Voedselveiligheid (EFSA) ziet een toename van het aantal landen dat CPE detecteert bij verschillende diersoorten en in de voedselketen. Toch ontbreekt er nog heel wat kennis over deze bacteriën. Er is duidelijk nood aan meer inzicht in waar deze bacteriën precies vandaan komen, hoe ze zich verspreiden tussen dieren, via de voeding en binnen de omgeving. Ook is er meer informatie nodig over hoe vaak ze precies voorkomen.
 
Hoewel uit internationale studies blijkt dat de aanwezigheid van carbapenem-resistente Enterobacteriaceae (CRE) momenteel laag is (zowel in rauwe melk als in melk van koeien met mastitis), zijn de beschikbare gegevens beperkt. Voor België zijn er op dit moment zelfs geen gegevens beschikbaar over het voorkomen van deze bacteriën in rauwe melk. Dit onderzoek is dan ook een eerste belangrijke stap om de situatie in de Belgische melkveehouderij in kaart te brengen.
  

Neem deel aan het onderzoek   

Het team Voedselpathogenen van Sciensano is op zoek naar melkveebedrijven die vrijwillig willen deelnemen aan dit onderzoek en één tankmelkmonster willen aanleveren. Monsters kunnen worden ingestuurd tussen april en eind juni 2026.
  
Alle verzamelde gegevens worden vertrouwelijk behandeld. Gegevens worden gepseudonimiseerd, zodat melkveebedrijven niet kunnen worden geïdentificeerd. Dit betekent dat resultaten niet kunnen worden teruggekoppeld naar individuele deelnemers of bedrijven. De verzamelde gegevens worden uitsluitend gebruikt voor onderzoeksdoeleinden. Er is geen sprake van controle of monitoring, en er worden geen gegevens gedeeld met het FAVV of andere instanties.
 

Hoe bezorg ik een tankmelkmonster?

Om deel te nemen aan het onderzoek, hebben we een extra tankmelkmonster nodig. Monsters kunnen worden ingestuurd tussen april en eind juni 2026.

  1. Vraag een steriel monsterpotje aan jouw RMO-chauffeur
  2. Kleef een etiket met jouw leveraarsnummer op het potje. Noteer 'CPE' op het deksel.
  3. Reinig de monsternamelepel met drinkbaar water.
  4. Spoel de monsternamelepel met de te bemonsteren melk uit de tank. Doe dit door de lepel enkele keren op en neer te bewegen in de tank.
  5. Vul het potje voor ¾ (minstens 40 ml).
  6. Druk het deksel goed op het potje.
  7. Bewaar het potje gekoeld tussen 0 °C – 4 °C.
  8. Geef het potje mee met de RMO-chauffeur.

  

Vragen of meer informatie?

Heb je vragen of wil je meer informatie over dit onderzoek? Neem dan contact op met MariaCristina.GarciaGraells@sciensano.be of Marine.DeBueger@sciensano.be.